|
Historie
Technische gegevens
- Bouwjaar : 1968: Ark Aegir. Ligplaats Rotterdam.
Herbouw: Augustus 1986-1987: Zeilschool De Zuidwester. Ligplaats Hellevoetsluis.
- Herbouw 2009-2010: BOTEL VOOR PAMPUS. Ligplaats Maasbommel.
- Lengte: 32.00 meter
- Breedte: 9.00 meter
- Diepgang: 1.50 meter
- Hoogste punt boven de waterspiegel: 7.20meter
- Gewicht: 340.000 kg
- 3 verdiepingen
- Inhoud: 1670 m3

Botel voor Pampus op ligplaats
Maasbommel
Over de naam: Botel voor Pampus:
Vroeger was Pampus een ondiepte in de Zuiderzee
voor de haven van Amsterdam. Schepen van de VOC kwamen zwaar beladen terug van hun
lange reizen en moesten hier wachten tot z.g. scheepskamelen ze eroverheen
konden tillen. Tijdens het wachten lieten de reders alvast vrouwen, drank en eten
aan boord brengen. Al snel heette dit in de volksmond “voor Pampus
liggen”.
Tegenwoordig wordt de uitdrukking “voor Pampus
liggen” veelal gebruikt voor mensen die buiten westen zijn geraakt door vermoeidheid
of te veel alcoholgebruik en daarom niet verder willen of kunnen.
Bovendien, is Pampus de naam van een type zeilboot,
welke overigens dit jaar haar 75 jaar bestaan viert.
Daar er bij het ’’drijvende eilandje’’ ook zeilboten verhuurd worden en zeillessen
gevolgd kunnen worden leek deze naam erg toepasselijk .
Toch was er voor de eigenaar, Ruud Kolsteeg,
nog een derde, belangrijker, reden om voor deze naam te kiezen:
Het bijzondere is gelegen in het feit dat mijn opa,
Jan van Capelle, fortwachter is geweest op Pampus en mijn moeder in haar jeugd op het
eiland gewoond heeft.
Mijn moeder, Ali Kolsteeg-Van Capelle (88),
verhuisde als baby naar Pampus. Ze is de oudste dochter van mijn opa, beroepsmilitair
Jan van Capelle, die in 1924 de taak op zich nam het fort in optimale staat van
verdediging te houden.
Regelmatig vertelde mijn moeder over Pampus: “Ik kan me herinneren dat het een keer
zo vreselijk stormde dat ons kippenhok wegwoei en de kippen door het fort renden,
nog steeds ben ik bang voor storm”.
Alle krantenstukken over het eiland heeft ze trouw
ingeplakt en haar fotoboeken zijn voorzien van de nodige dagboekfragmenten.
Ooit was dit háár eiland.
“Het leven op Pampus heb ik nooit als eenzaam ervaren”,
zei ze. “Mijn broertje en ik vonden het heel gewoon. Je kon er fijn spelen.
Bloemen plukken, vliegeren, hoepelen in de droge gracht, kikkers vangen. We waren veel
buiten.”
In 1929 heeft opa van Capelle overplaatsing naar
Utrecht aangevraagd toen hij ontdekte dat zijn kinderen mensenschuw werden. “Van mijn
schuwheid heb ik nog lang last gehad. Maar nu op mijn oude dag pluk ik er de vruchten van.
Ik kan makkelijk alleen zijn, ben sterk geworden, ook door mijn strenge opvoeding.
En ik geniet nog steeds van de zee en dikke stapelwolken.”
In 1987 zet mijn moeder, die in 1929 het eiland
verliet, voor het eerst sinds 58 jaar weer voet op Pampus.
|